HOME » HEMELSMOOI HOKKAIDO & TOHOKU - DOWNLOAD TEKST

Dag 1: Vlucht naar Japan

Vanuit Amsterdam begint deze droomreis met een (indien mogelijk) rechtstreekse vlucht naar Tokyo. De hoofdstad van Japan is de grootste stad van de wereld. 24/7 bruist het er! Drukte op straat, honderdduizenden neonlichtjes en de gekste bezienswaardigheden. Er is veel te veel te doen. Je mag je alvast verheugen op wat reisleider Theo allemaal met je gaat ondernemen.

Dag 2: Aankomst in Tokyo

We arriveren in de ochtend op Narita, een van de twee belangrijke luchthavens van Tokyo. Reisleider Theo is al op het vliegveld en helpt je om de bijna twee uur durende transfer naar het hotel te maken. In ons centraal gelegen hotel deponeren we onze bagage en gaan direct een leuk plekje zoeken om te genieten van een heerlijke Japanse lunch. De reisleider kent de omgeving als zijn broekzak en maakt je direct wegwijs in de gecompliceerde, maar o zo lekkere Japanse keuken.

In de late namiddag krijg je (even) tijd om bij te komen van de elf uur durende vliegreis en de lange transfer. Nadat we weer wat energie hebben getankt, maken we een korte avondwandeling door het altijd bruisende Tokyo. Het is vooral leuk om de diversiteit van Tokyo en haar inwoners te ontdekken in de verschillende wijken. Naast alle hypermoderne wijken in Japan beleef je in de ouwe wijk Asakusa het Japan van vroeger. Loop over de markten, bezoek de geweldige Senso-ji tempel en bekijk de 1000 jaar oude Kaminarimon poort. Wanneer de zon is ondergaan ademt deze historische plek nog meer charme uit dan normaliter.

Dag 3: Tokyo (bezoek aan Kamakura)

In de ochtend maken we een fraaie boottocht van een uur over de belangrijkste rivier van Tokyo: de Sumida rivier. Onderweg mag je genieten van de vele bruggen, waarna we aan land gaan in het meest moderne district van Tokyo: Odaiba. Op deze kunstmatig aangelegde eilanden tref je een grote hoeveelheid moderne gebouwen aan. Liefhebbers van fraaie architectonische bouwwerken komen hier helemaal aan hun trekken. De makkelijkste manier om deze kunstzinnige creaties te aanschouwen is een rondrit te maken met de volledig geautomatiseerde Turikamome monorail.

Dat Tokyo een walhalla is voor digitale innovatie bewijst Mori Digital Art Museum maar al te goed. Want waarom zou je de muren volhangen met ingelijste Monet-jes en Manet-jes, als het hele gebouw je canvas kan zijn? In dit museum is niet duidelijk waar het kunstwerk ophoudt en waar jij begint. Het Mori Digital Art Museum treedt namelijk buiten de lijstjes. Overal waar je loopt, zie je (en hoor je) een nieuwe wereld verschijnen. Wat ons betreft een van de mooiste musea ter wereld! Let op, reserveer minimaal een half jaar vooraf je toegangskaarten. De reisleider helpt je graag, indien nodig. Let op, wie uitgebreid van dit museum wil genieten kan beter de laatste dag van de reis gaan, wanneer je veel meer tijd hebt om hiervan te genieten!

Na de lunch ontsnappen we aan de drukte van Tokyo tijdens een excursie naar de tempelstad Kamakura, een van de eerste metropolen in de wereld. Anderhalve eeuw (1185-1333) was dit de eerste hoofdstad van het zojuist verenigde land. Een treinrit van een dik uur brengt ons van de hectiek van Tokyo naar een andere wereld: een die in het teken staat van fraaie zen-tuinen, dichte cederbossen, magnifieke tempels en de grootste verzameling Boeddha beelden van het land.

De bijna 12 meter holle bronzen Boeddha in de welbekende Kotokuin tempel is, samen met Hase-dera (met het grootste vergulde houten beeld van Japan), hét symbool van de stad. Dit is overigens wel de plek waar vrijwel elke toerist zich meldt. Grensloos Genieten gaat echter een stapje verder en neemt je mee naar het ‘onbekende Kamakura’. De Zen-tempels Engaku-ji, Kencho-ji (met jeneverbessen uit de 13e eeuw!), Enno-ji en vooral Tokei-ji zijn onze pareltjes waar de stilte van Zen nog gevoeld kan worden! Kamakura wordt overigens ook wel het ‘Kyoto van Oost-Japan’ genoemd vanwege de grote hoeveelheid aan bezienswaardigheden uit het oude Japan. In de vroege avond keren we terug naar Tokyo, voordat we morgenochtend naar Hokkaido vliegen.

Wie nog energie over heeft, kan met Theo mee op een avondwandeling door het meest bruisende nachtleven district van Japan: Shinjuku. Een bijzondere belevenis is bijvoorbeeld het uitzicht vanaf tweehonderd meter hoogte vanuit het stadhuis over downtown Tokio. 



Dag 4: Vlucht naar Sapporo (Hokkaido)

In de (meestal vroege, soms late) ochtend maken we een bijna twee uur durende vlucht naar Sapporo, de hoofdstad van Hokkaido. Chitose Airport ligt maar liefst 50 km ten zuidoosten van Sapporo, maar het was het laatste stukje vlakke grond dat nog beschikbaar was voor de aanleg van een luchthaven op dit bergachtige eiland vol rokende vulkanen.

Op de luchthaven halen we onze (mini)bus op, waarmee we de komende acht dagen dit fascinerende eiland nader gaan verkennen. De reden dat wij deze bijzondere natuurreis in september maken is omdat het dan een stuk rustiger is qua toeristenstromen (die vrijwel allemaal in de lente en hoogzomer komen). Hokkaido is namelijk razend populair bij Japanse toeristen. En met dagtemperaturen van 26,5 graden (’s nachts 19 graden) is het in september ook nog eens lekker warm en behaaglijk. De koukleumen (en wellness liefhebbers) mogen zich verheugen op de vele onsens (warmwaterbronnen) die je razendsnel opwarmen.

Sapporo is met ruim twee miljoen inwoners de vijfde grootste stad van Japan. En in tegenstelling tot de rest van het land is dit een relatief nieuwe stad, waardoor het veel meer Europese bouwinvloeden heeft dan de rest van Japan bij elkaar. Ondanks dat is het nog steeds een typisch Japanse miljoenenstad. En toch ook weer niet! Met brede lanen, groene stadsparken en hippe bars is Sapporo een relaxte stad met een haast Europees karakter.

Een van de interessante musea in deze stad is het gratis toegankelijke ‘Sapporo Beer Garden and Museum’; 'Sapporo' is één van de oudste en populairste biermerken in Japan. Het Odori Park leent zich ’s zomers als een van de beste locaties om dit goddelijke drankje te nuttigen. Toch toe aan iets anders dan bier, maar wel zin in iets lekkers? Ga dan naar het Shiroi Koibito Park, een museum geheel gewijd aan chocolade! Andere leuke opties voor deze eerste dag zijn een wandeling maken door het unieke en moderne Moerenuma Park. Ook het 'Hokkaido Museum of Modern Art' is een aanrader.

Of bezoek de Nijo markt, waar de geur van verse vis je tegemoet komt. In Suskino, het derde grootste (na Tokyo en Osaka) bruisende entertainment district van het land dat ’s avonds prachtig oplicht kan je heerlijke Sapporo noedels proberen. Met de taxi (of metro) kan je er ook voor kiezen om een bezoek te brengen aan het buiten de stad gelegen Historic Village, een openluchtmuseum van 60 gebouwen dat de geschiedenis van Hokkaido op fraaie wijze laat zien, Daarnaast staat de nabijgelegen Mount Moiwa in de ‘Top 3 van Japans Meest Spectaculaire Uitzichten’.

Dag 5: Naar Furano (120 km)

Na ons bliksembezoek aan de grootste stad van Hokkaido (en de snelst groeiende van Japan!), mag je je vanaf vandaag verheugen op de overweldigende natuur van dit eiland, dat maar liefst een vijfde van Japan’s oppervlakte beslaat. De mooie natuur en bossen (waar Hokkaido voor 70% uit bestaat!) mogen dan overal te bewonderen zijn, maar ons inziens is deze op zijn best in de vele nationale parken. Vijf van de zes nationale parken die Hokkaido telt gaan we de komende week bezoeken: Daisetsu-zan NP, Akan NP, Shiretoko NP, Kushiro Shitsugen NP en het Shikotsu-Toya NP.

Al deze parken hebben hun eigen bijzonderheden, maar grofweg mag je heel veel Japanse warmwaterbronnen (onsen), kliffen, vulkanen, watervallen, meren en dieren verwachten. Of we daadwerkelijk ook de volop aanwezige beren en walvissen gaan zien is nog even afwachten, maar de sierlijke kraanvogels gaan we 100% zeker observeren. In hun natuurlijke habitat. Hopelijk zien we deze fotogenieke vogels dan ook ‘landen en opstijgen’, een van de mooiste natuurmomenten die je kan waarnemen in Hokkaido.

Furano is vandaag onze eindbestemming, een stadje van bijna 25.000 inwoners. Deze regio staat bekend om de pittoreske landschappen. Geniet hier van lavendelvelden die in bloei staan, of -in de late zomer- de bloesems, papavers, lelies en zonnebloemen; een kleurrijk schouwspel! De beste locatie hiervoor is Farm Tomita.

Tijdens de winter verandert Furano in een waar sneeuwparadijs; het is één van de populairste wintersport-bestemmingen van Japan. Samen met grote rivaal Niseko is dit de plek waar de Japanse jet-set komt genieten van de verse poedersneeuw die -in het seizoen- de vele pistes vrijwel dagelijks komt verversen. Deze regio staat eveneens bekend om de hoge kwaliteit van zijn landbouwproducten, waaronder smakelijke aardappels en uien, zelfs de lokaal geproduceerde wijn is van een behoorlijke kwaliteit. De Furano Winery en de plaatselijke kaasmakerij bezoeken we voor een lekker wijntje en kaasje.

Alhoewel lavendel nog steeds het meest bekende exportproduct van Furano is. Dit is dan ook dé plek voor een lavendelijsje! Verder bezoeken we de Shikisai no Aka bloementuin en Blue Pond, dat een diepblauwe kleur heeft vanwege de mineralen in het water. Als je ooit eerder foto’s van Hokkaido hebt gezien, dan is er een grote kans dat ze in Furano gemaakt zijn. Het uitzicht vanaf hier op de ontelbare pieken van het Daisetsu-zan massief is onbetaalbaar. Wie van schilderijen houdt, kan een bezoek brengen aan het nabij gehuisveste (kleinschalige) Sumio Goto museum.

Dag 6: Naar Sounkyo Onsen (of directe omgeving, 120 km)

Onze volgende overnachtingsplek ligt hemelsbreed maar 2,5 uur rijden verder, maar desondanks hebben we het grootste gedeelte van de dag nodig om Sounkyo Onsen te bereiken. Er is namelijk zoveel moois onderweg te zien.

Sounkyo Onsen is een populair 'hotspring' plaatsje -Japan telt overigens maar liefst 28.000 onsens, waarvan er bijna 3.000 als resort zijn ingericht- in het noorden van het Daisetsu-zan NP. Het park herbergt de hoogste berg van het eiland, de Mt. Asahi met zijn 2290m. In Japan wordt dit park ook wel ‘Het Dak van Hokkaido’ genoemd. Sounkyo Onsen zelf is een van de drie toegangspoorten naar het grootse NP van het land en wordt omgeven door een schilderachtige smalle kloof met beboste kliffen. Uiteraard zijn ook hier weer de nodige onsen te vinden, voor ons telkens weer de ultieme plek om op zijn Japans te ontspannen. Vroegboekers van deze reis kunnen we twee onvergetelijke overnachtingen garanderen in een traditionele Japanse kamer met 'futons', 'tatami mats' en 'shoji doors'. Anderen zullen genoegen moeten nemen met een ‘gewoon hotel’. Vroegboeken loont dus!

Voordat we op het eind van de dag mogen gaan relaxen, gaan we eerst genieten van het plaatsje Biei. Dit is het Lisse van Japan: het dorpje van iets meer dan 10.000 inwoners staat bekend om de prachtige bloemenvelden. In de zomer zijn de glooiende heuvels gehuld in de mooiste kleuren. Rood, geel, oranje en ook paars van de lavendel. 

En dit park mag dan geen pittoreske meren herbergen, zijn spectaculaire bergen, hot springs en ravijnen maken dit meer dan goed. Hier tref je vulkanen boven de 2.000 meter, alpenweiden en geurige naaldbossen die als veilige thuisbasis fungeren voor de laatste Japanse bruine beren. In de zomer bloeien er talrijke alpiene bloemen en vanaf half september is dit park het eerste gebied in Japan wat zich omtovert tot een prachtig kleurenspektakel. Aan de voet van de vulkaan Asahikdake ligt het gelijknamige dorp, waar een van de twee kabelbanen naar de top van dit bergmassief vandaan vertrekt. Met die andere kabelbaan kan je morgen vanaf Sounkyo Onsen omhoog.

De volgende stop is er een waar chauffeur Theo -helaas- niet aan kan deelnemen. De 'Otokoyama Sake Brewery & Museum' is de ideale plek om de derde meest geliefde drank van Japan (naast bier en shochu) eindelijk eens te nuttigen. Alhoewel de tour in het Japans is en de meeste borden onleesbaar zijn, blijft het interessant om het productieproces te zien van dit typisch Japanse drankje. Al vele eeuwen wordt sake in Japan geproduceerd door onder andere fermentatie van rijst en water. Het alcoholpercentage ligt doorgaans rond de 5 tot 19%. Er bestaan diverse categorieën sakeën en het kan zowel koud als heet gedronken worden. Tevens is dit een van de betere plekken om de unieke, eeuwenoude cultuur van ukiyo-e (‘pictures of the floating world’) houtblok printen van dichtbij te aanschouwen.

Een twintigtal kilometers verderop maken we een stop bij het ijspaviljoen van Kamikawa. Dit was in 1902 de plek waar de koudste temperatuur (min 41 graden Celsius!) ooit is gemeten van Japan. Die gekke Japanners hebben vervolgens van dit historische feit een toeristische attractie gemaakt waarbij je in de ‘Hokkaido Ice Pavilion’ door een aantal fraai ingerichte ijsruimtes wandelt waar een constante temperatuur heerst van minus 20 graden. Ook mag je maar liefst tien seconden voelen hoe minus 41 graden Celsius aanvoelt… Gelukkig zijn er voldoende onsens om je op te warmen op ons nabijgelegen eindpunt van vandaag.



Dag 7: Vrije dag Sounkyo Onsen

Vandaag is de eerste (en enige) vrije dag van ons verblijf in Hokkaido, Uiteraard geven wij je ter plekke de nodige tips om te kiezen uit de vele mogelijkheden die dit gebied herbergt. Voor natuurliefhebbers is dit een heus Walhalla. De omgeving van Soukyo Onsen is gemaakt om mooie wandelingen te maken, bijvoorbeeld naar de Ryusei-no-taki en Ginga-no-Taki (Melkweg) watervallen. Hier kan je de rauwe natuur van Hokkaido in al haar glorie bewonderen. Ook is er de mogelijkheid om de kabelbaan (rit van 20 minuten) naar Mt. Kuro-dake (1984m) te nemen en daar één van de vele prachtige wandelroutes te lopen die door het schilderachtige landschap van dit park zijn uitgezet. Tussen deze maagdelijke bossen vind je kleine meren, vulkanische breuken, hoopjes sneeuw en -helaas- de onvermijdelijke muggen…

De watervallen zijn onderdeel van de 20 kilometer lange Sounkyo Gorge, die algemeen wordt gezien als de beste (en eerste) plek van het land van de ongelooflijke kleurenpracht die de ‘Japanse Indian Summer’ jaarlijks met zich meebrengt. Maar zelfs als de herfst nog even op zich laat wachten, geniet je hier ongetwijfeld van het ruige landschap dat Moeder Natuur in een woedebui met haar hamer en sikkel moet hebben gecreëerd.

Dag 8: Naar Lake Akan of Lake Kussharo (180 km)

We overnachten vanavond op een van de pittoreske locaties rondom de meren van Kussharo of Akan. Ook dit is weer een gebied vol gemoedelijk plaatsjes met vele natuurlijke heetwaterbronnen, de meeste in de ruige natuur. Dit gebied is overigens vooral bekend geworden als groeiplaats van de vreemde ‘Marimo balls’ of mosbollen; een zeldzaam draadvormig groenwier (Aegagropila linnaei), dat de gehele meerbodem bedekt met 10 centimeter grote ballen.

Omdat Hokkaido pas anderhalve eeuw geleden is gekoloniseerd (en dus afgepakt van de originele bevolking, de Ainu), herbergt dit eiland zeer weinig typisch Japans cultureel erfgoed als tempels en heiligdommen. Cultuurliefhebbers zullen echter verheugd zijn dat er hier desondanks verschillende opties voor cultureel vermaak zijn. Zo is er een Eco Museum Center (met informatie over het Akan NP) en een Sumo Museum (toegewijd aan de welbekende sumoworstelaar Taiho Koki). Ook zijn er inmiddels flink wat plekken waar de Ainu op bestelling zingen en dansen voor je, uiteraard tegen betaling voor de door hun geleverde diensten...

Het hoofdbestanddeel van het Akan NP zijn drie prachtige meren, elk met hun eigen specifieke kwaliteiten. Lake Mashu, Lake Akan en Lake Kussharo. Deze laatste mag zich met een omtrek van 80 vierkante kilometer het grootste kratermeer van Japan noemen. Lake Kussharo heeft zelfs zijn eigen versie van het monster Nessie, die al eeuwen toeristen naar het Schotse meer Loch Ness lokt. Wel moeten we er eerlijkheidshalve bij vermelden dat ‘Kusshi’ (zoals zijn liefkozende bijnaam luidt) voor het laatst waargenomen is in 1997.

En waar Lake Akan zijn niet-alledaagse algensoort heeft, zo wordt Lake Mashu gezien als het helderste meer ter wereld en bij uitstek het mooiste van Japan. Voor de ainu was dit echter ‘het meer van de duivel’, waarschijnlijk vanwege de gevaarlijke mist die hier vaak bezit neemt van de 212 meter diepe krater. Mocht het weer eens zo’n mistige dag zijn, bekijk dan de video bij het toeristencentrum om te zien wat je gemist hebt… Welk meer je ook kiest, bij alle meren kan je diverse activiteiten ondernemen, zoals vissen, wandelen, kajakken, boottochtjes maken en fietsen.

Je kunt vanmiddag er ook voor kiezen de Iozan (Zwavelberg) bezoeken. Deze berg heeft zijn naam te danken aan de zwavelstoom die uit de openingen van deze actieve vulkaan komt. Wie geen zin heeft om te wandelen, kan heerlijk ontspannen in een van de vele onsens! Misschien hoor je het kenmerkende geluid van de enorme Blakiston’s visuil, net iets groter dan de Europese oehoe en daarmee één van de grootste uilensoorten ter wereld.

Dag 9: Naar Shiretoku NP (Utoro/Rausu) (110 km)

Onderweg naar de oostkust en het Shiretoko NP brengen we een bezoek aan het stadje Abashiri en zijn (in Japan) befaamde gelijknamige gevangenismuseum. Dat het leven hier vroeger nog veel harder was, ontdek je tijdens een indrukwekkende rondleiding door de in totaal 20 imposante originele houten gebouwen die -net als de gevangenis- zijn opgericht in 1890. Besef overigens dat de wegen waar je gisteren, vandaag en morgen over rijdt onder dwang aangelegd zijn door deze gevangenen, vaak onder mensonterende omstandigheden.  

Wie nog honger heeft na al deze gruwelijkheden, kan zich in het plaatselijke cafetaria tegoed doen aan het ‘gevangenismenu’, dat beter smaakt dan de naam doet veronderstellen. Al blijft het een beetje raar dat je omringd bent door mannequin poppen in hun zo kenmerkende oranje gevangeniskledij. Wie liever naar het 'Museum of Northern People' gaat, ook dit is nabij. Net als het Okhotsk Chipmunk Park, een kleinschalig dierenpark waar alles in het teken staat van eekhoorntjes… Terwijl we oostwaarts rijden, passeren we het indrukwekkende Higashimokoto Shibazakura Park, alhoewel we eerlijkheidshalve wel erbij dienen te vermelden dat deze indrukwekkende bloemenzee voornamelijk in de lente te zien is. Dan staat dit 100.000m2 tellende park namelijk vol met de meest prachtige (licht)paarse bloemen.

De reis vervolgt naar Rausu op het Shiretoku schiereiland, de toegangspoort van het Shiretoku NP dat sinds 2005 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staat. Onder de Ainu bevolking stond het bekend als ‘het einde van de wereld’. Een bijnaam die het kreeg vanwege het ruige karakter van deze vulkanische puist en de vele puilen hete stoom die 24/7 in alle uithoeken omhoog knallen. Door deze visuele bakens is het echter wel vrij eenvoudig om een rotemburo (buitenonsen) te vinden...

Het NP is verder gevuld met watervallen, meren en een flinke variatie aan wildlife, waaronder bruine beren, herten en vossen. Hokkaido telt maar liefst een populatie van circa 2.000 bruine beren. Het is tevens mogelijk om een vier uur durende (optionele) cruise te nemen om deze prachtige ruige kust vanuit zee te bewonderen, waar walvissen, dolfijnen en zeeleeuwen zich met hoge regelmaat laten zien.

Met ons eigen vervoermiddel bezoeken we de 'Shiretoko Five Lakes'. Deze vijf meren zijn gevormd door de uitbarsting van de nabijgelegen Mount Io en worden omgeven door bomen en bergen. Dit weerspiegelt prachtig in het water. Vanaf de parkeerplaats loopt er een 800 meter lange, houten promenade naar het eerste meer. Je kan ook het hele traject van 2,4 km wandelen langs alle vijf de meren, die onderling verbonden zijn via de promenades. Vanaf de 'Shiretoko Five Lakes' loopt er een 10 km onverharde weg naar de Kamuiwakka Falls, die gevoed worden door warm bronwater. Helaas is deze route alleen toegankelijk onder lokale professionele begeleiding, dit vanwege de vele beren die dit ongerepte gebied hun thuis mogen noemen. Makkelijker toegankelijk is de Oshinkoshin waterval, die vanuit een nabij gelegen uitzichtpunt in zijn geheel bekeken kan worden.

Als we nog genoeg tijd hebben en de pas open en veilig toegankelijk is, rijden we de mooie tocht over de 30 km lange Shiretoko Pass. Deze bergpas loopt over 738m hoogte van Utoro aan de westkust naar Rausu aan de oostkust en biedt een spectaculair uitzicht op Mount Rausu; de hoogste berg van Shiretoko NP. 



Dag 10Naar Kushiro (170 km)

We verlaten de noordoost kust van Hokkaido en verruilen die vandaag voor de zuidelijke stad Kushiro. Hier (of in de directe omgeving) overnachten we een nacht. Kushiro mag dan niet de meest spannende stad van Japan zijn, de 175.000 inwoners lijken zich prima te vermaken in deze stad waar ultramoderne architectuur zich een plaatsje heeft verworden naast de ruige exponenten van deze havenstad.

Kushiro is ook een knooppunt op het gebied van het druk bezette Japanse netwerk van veerbootverbindingen, zo kan je vanuit hier makkelijk een veerboot nemen naar Tokyo. De plaatselijke kleurrijke vismarkt, Fisherman’s Wharf, is een van de betere plekken om een katte-don te bestellen, een kom warme rijst gevuld met de meest heerlijke rauwe vis die je ooit in je leven gegeten hebt.

Maar eerst bezoeken we na een dikke twee uur rijden het Kushiro Shitsugen NP dat pas in 1987 werd toegevoegd aan de lijst van 30 nationale parken van Japan. Dit uitgestrekte gebied (270 km2) bestaat uit wetlands en moerassen en staat bekend om de aanwezigheid van Japanse kraanvogels. Er zijn verschillende observatoriums waar vandaan je de kraanvogels kunt bekijken. Ze zijn tevens het hele jaar te zien bij de voederplaatsen. Ook bezoeken we het 'Akan International Crane Center' waar de kraanvogels het hele jaar door worden opgevangen. Het museum, fokcentrum en enkele wandelpaden door het grootste moeras van Japan zijn de belangrijkste attracties hier. 

De kraanvogel is overigens niet zomaar een vogel. De ‘tancho’, zoals hij in Japan wordt genoemd, is al eeuwen lang een heilige vogel die geluk en een lang leven brengt. Toch is er een tijd geweest dat men dacht dat de tancho was uitgestorven. In de achttiende eeuw was het jagen op de kraanvogel voorbehouden aan de keizers van Japan. De intensivering van de landbouw en de illegale jacht op deze ‘kostbare’ vogel leidde ertoe dat de populatie in een snel tempo afnam. Na de Tweede Wereldoorlog werd alles in het werk gesteld om het voortbestaan van de uitgestorven gewaande kraanvogel veilig te stellen. Dat is Japan goed gelukt! Momenteel zijn er ongeveer weer 1.300 exemplaren.

Dag 11: Naar Noboribetsu Onsen (320 km)

Vandaag is het vooral kilometers maken. We rijden van oost-Hokkaido naar het (bijna) uiterste westen van dit prachtige eiland. Ook hier vind je bijzonder ongerepte natuur, ontstaan na een van de heftigste vulkaanuitbarstingen ooit, al is dat inmiddels alweer 110.000 jaar geleden...

We onderbreken deze lange rijdag met een korte stop bij het Europees aandoende Middeleeuwse ‘kasteel’ van Ikeda, dat zichzelf bescheiden betiteld als ‘Het Wijnkasteel van Japan’. Heerlijke wijnen als Seimai en Yamako kunnen hier als een leuk souvenir -of een cadeautje voor jezelf- voor het thuisfront worden ingekocht. Ook de rijpingskelder biedt een indrukwekkend schouwspel met honderden eikenhouten vaten. Sinds 1964 wordt hier al wijn en heerlijke brandy gebrouwen.

Voordat we op onze eindbestemming arriveren, brengen we eerst nog een bezoek aan het Ainu dorp Nubutani. De afgelopen week heb je al een handvol andere Ainu-musea van de buitenkant gezien, maar deze vallen allemaal in het niet bij het Nibutani Ainu Culture Museum. De rijke historie van de traditionele bevolking -waarvan er nu nog circa 25.000 in leven zijn- herleeft in dit indrukwekkende museum dat met recht eer doet aan deze bevolkingsgroep. Leer alles over deze voormalige jagers, vissers, ‘natuurverzamelaars’ en hun goden (kamuy) die overal in Hokkaido in de flora en fauna leven.

Schrik overigens niet van de levensechte wassen beelden. De Ainu-mannen zagen er namelijk uit als een menselijke versie van een grizzlybeer, terwijl de vrouwen hun handen en gezicht verrijkten met helderblauwe tatoeages. Ruim 700 jaar geleden begonnen ze ook al aan cosmetische correcties door strakke lijnen rondom hun lippen te tatoeëren waardoor ze een eeuwige glimlach leken te hebben…

Op sommige stukken rijden we vandaag langs de kust waarbij je kunt genieten van de vele lappen kombu die te drogen hangen op geïmproviseerde houten rekken. Voor Japanners is er namelijk geen beter zeewier dan die uit zuid-Hokkaido.

Twee uur rijden zuidelijker overnachten we een nacht in het sfeervolle onsendorpje Noboribetsu dat in een indrukwekkend vulkaanlandschap te vinden is. Een fraaie bijnaam van ons overnachtingsadres is Jigokudani, oftewel de ‘Hel Vallei’. De onsen in het Dai-Ichi Takimoto-kan hotel is wereldberoemd in Japan, omdat maar liefst 1.000 mensen tegelijkertijd kunnen baden in een van de 40 onsens. In dit gebied ligt ook een van de actiefste vulkanen (van de 110 die Japan telt), de Usu-vulkaan. Wellicht kan je ook nog een glimp opvangen van de dagelijkse vuurwerkshow boven het Toya-meer, dat op 18 km afstand ligt.

Dag 12: Naar Hakodate

Als de Orofure pas open is, nemen we deze zeer pittoreske route naar het merengebied. In de ochtend verkennen we -ietwat vluchtig- het nabij gelegen Shikotsu-Toya NP. Doordat dit park zo dichtbij Sapporo ligt, is dit zeer toeristisch en het meest druk bezochte NP van Hokkaido en Japan. Lake Shikotsu en Lake Toya zijn de twee belangrijkste ingrediënten van wat dit park te bieden heeft. Met 360m diepte is Shikotsu het tweede diepste meer van Japan en zijn kristalhelder blauwe water bevriest nooit, zelfs bij temperaturen van dik min twintig in de winter.

Rond lunchtijd rijden we 160 km zuidelijker naar Hakodate, dat als de 'Poort van Hokkaido' wordt gezien. In ons geval is het echter de laatste verblijfplaats op dit indrukwekkende eiland. Deze havenstad mocht als één van de eerste steden in Japan handel drijven met tien westerse landen. In de 19e eeuwse architectuur van deze 300.000 inwoners tellende stad is die westerse invloed nog steeds goed te zien, zoals in de pittoreske wijk Motomachi. Met de tram reizen we snel door de stad en onderweg zie je tal van grote pakhuizen in rode baksteen, waar je tegenwoordig vooral souvenirs kunt kopen.

Ook het fraaie, centrale park en de markante uitzichttoren van het stervormige fort Goryokaku mag je niet missen. Dit fort werd in de Edo-periode gebouwd om de strategisch gelegen stad te verdedigen tegen een Russische invasie. Hier vond ook de beslissende veldslag in 1869 plaats tussen het Japanse leger en de dappere volgelingen van de Tokugawa-shogun die ervoor zorgde dat Hokkaido voorgoed werd ingelijfd bij Japan.

In de lente is de bloesem hier een van de mooiste van heel Japan, al zie je er helaas door de horden Japanse en Chinese toeristen er amper iets van…  Wat ook elke Japanner doet die deze stad (of dit eiland) bezoekt is een ritje maken naar de ‘Top 3 van Japans Meest Spectaculaire Uitzichten’. Samen met Sapporo en Nagasaki staat dit op de ‘bucket list’ van elke Japanse vrouw. De mannen hebben blijkbaar andere behoeften en wensen. Desondanks is het korte ritje per kabelbaan naar de 334m hoge top van Mount Hakodate de moeite waard. Je beloning is een betoverend uitzicht over de stad en het prachtig verlichte schiereiland.



Dag 13: Naar Hirosaki (Tohuku)

Deze ochtend bezoeken we voor de liefhebbers, weliswaar erg vroeg in de ochtend, de befaamde en fotogenieke Asa-ichi vismarkt, waarbij vooral de haast buitenaardse krabben en monsterachtige octopussen je aandacht zullen trekken. Ook het gezang van de verkopers geeft een extra dimensie aan deze bijzondere excursie. Voor echte visliefhebbers raden wij de ika somen (sashimi van rauwe inktvis) en de sanpei-jiru (zalmsoep) aan.

Daarna reizen we vanuit Hakodate met twee treinen, deels met de supersnelle Shinkansen, naar Tohuku. Deze route van bijna drie uur loopt door de 53,9km (waarvan 23,5 km onder de zee) lange Seikantunnel, waarvan het diepste punt maar liefst 240 meter onder de zeespiegel ligt. Dit is sinds kort niet meer ’s werelds langste onderzeese tunnel. Duizenden arbeiders werkten 24 jaar (!) non-stop aan het realiseren van dit monsterproject, waarbij helaas 34 arbeiders hun leven verloren tijdens de werkzaamheden.

Behalve drie nationale parken vind je in Tohuku ook het ‘echte Japan’. Wat we in Hokkaido niet gezien hebben, tref je hier in overvloed. Het feudale Japan tref je aan in samoerai steden, aristocratische tombes en kasteelruïnes. Ook vind je er prachtige tempels en een (relatief) rustig platteland waar eeuwenoude tradities nog volop in ere gehouden worden. Door vele Japan kenners wordt dit gebied daarom ook gezien als het laatste bastion van de traditionele Japanse cultuur!

Tel hierbij pittoreske landschappen op en je begrijpt dat Tohoku een van onze lievelingsgebieden van Japan is. Mede omdat het een van de minst dichtbevolkte gebieden van het land is. Wist je trouwens dat er (heel lang geleden weliswaar) ter hoogte van Fukushima zelfs een heuse ‘muur’ was gebouwd om de ‘barbaren uit het Noorden’ tegen te houden? En Tohoku mag dan helaas de laatste jaren niet meer geheel ‘onbekend en onbemind’ zijn, het is nog steeds de beste plek (samen met het eiland Shikoku) om een glimp op te vangen van het o zo mooie traditionele Japan.

In de namiddag arriveren we in de stad Hirosaki. Ondanks dat het bijna 200.000 inwoners telt, straalt het nog steeds een authentiek Japanse sfeer uit, voornamelijk door haar smalle straatjes met traditionele huizen. In de vroege avond maken we een pittoreske wandeling door de oude samoerai wijk van de Tsugaru clan. Kajimachi is een sfeervolle wijk waar je het beste kan genieten van al het lekkers dat het platteland van Japan te bieden heeft. Waar je ook bent in deze stad, de indrukwekkende contour van de 1625m hoge Iwaki-san vulkaan is nooit ver weg. Volgens de Japanse mannen is dit tevens de beste plek van het land om een levenspartner van het andere geslacht te vinden, want nergens zijn de Japanse vrouwen zo mooi als hier…

Dag 14: naar Kakunodate

In de ochtend bezoeken we al wandelend -of op de fiets- (wat er nog over is) van het kasteel van Hirosaki, dat in de 17e eeuw gebouwd is en in het prachtige Hirosaki-koen park ligt. Gebouwd in 1611, maar door blikseminslag nog geen zestien jaar later al een ruïne. Begin vorige eeuw werd een van de verwoeste torens in (bijna) originele staat gerestaureerd, waarin het nu een imposante (wapen)collectie van de samoerai huisvest. Het fotogenieke gebouw wordt omringd door maar liefst 5.000 kersenbomen (van 80 verschillende soorten!), ook de drie grachten geven dit park een prachtig aanzien.

Chosho-ji is een van de maar liefst 33 historische Soto Zen tempels die tezamen het Zenringai tempeldistrict bevolken. In 1610 werden 33 tempels vanuit alle uithoeken van deze provincie minutieus afgebroken en op deze plek opnieuw neergezet. Dit als geestelijke bescherming van het nabij gelegen kasteel. Ondanks dat er iets mis moet zijn gegaan met de kwaliteit van het karma (gezien de vernietiging van het kasteel in 1627 door brand), kunnen wij ons weinig meer boeiende plekken voorstellen dan dit wijkje vol houten tempels.

Neputa Village is een interessant cultureel complex dat gedeeltelijk gewijd is aan het gelijknamige festival dat jaarlijks plaatsvindt in Hirosaki. Ook worden er diverse historische ambachten en oude muziekinstrumenten getoond. Liefhebbers van (korte spoed)cursussen kunnen hier terecht voor het beschilderen van een handvol plaatselijke attributen als glazen, poppen en vliegers. Wat je zeker niet mag missen is de prachtige tuin (en huis) van de machtige Fujita familie. In het sfeervolle theehuis kan je thee op zijn Japans drinken, een onvergetelijke ervaring. Twee kilometer lopen (of trappen) verderop ligt het Apple Park dat 1200 appelbomen herbergt van maar liefst 65 verschillende soorten. Het plaatselijke informatiecentrum geeft je alle uitleg die maar mogelijk is over de eetbare trots van deze stad. Vanaf de uitkijktoren heb je een fraai uitzicht over Hirosaki en de landelijke omgeving. I

n de namiddag reizen we per trein naar het stadje Kakunodate in de provincie Akita waar we ruim vier uur later arriveren voor een overnachting. Van de zes provincies die Tohoku telt, is Akita (bijna) de grootste, maar tegelijkertijd ook de minst bevolkte. Als je geluk hebt zie je boeren onderweg hun land bewerken op de ouderwetse manier, met technieken die sinds de industrialisatie in de rest van Japan al lang verleden tijd zijn. Ondanks dat we enkele keren moeten overstappen, is deze landelijke treinreis zeer de moeite waard. Wat ons altijd als eerste opvalt hier is de heerlijke frisse lucht die je tegemoet komt nadat je op het treinstation bent gearriveerd.

Dag 15: Naar Tono

Kakunodate is een van de kleinste nederzettingen die we deze reis met een bezoek vereren en in de ochtend bezoeken we de handvol aan bezienswaardigheden die die dit 30.000 zielen tellende dorpje telt. In de zestiende eeuw was dit de trots van de Satake clan, die hier de mooiste samoerai wijk van het land hebben neergezet. Vrijwel elk gebouw is nog in perfecte staat, zes ervan zijn (deels) open voor nieuwsgierige bezoekers. Rechtstreekse nazaten van de Satake clan leiden ons rond in het uit 1809 stammende Bukeyashiki Ishiguro-ke. Het is mooi om te zien hoe trots Japanners kunnen zijn op hun rijke historie.

In dezelfde straat mag je je in het 'Aoyagi Samurai Manor Museum' vergapen aan een indrukwekkende collectie wapens van de samoerai en een grote hoeveelheid andere antiquiteiten. Iets verderop is het 'Kakunodate Cherry-bark Craft Center'' waar de samoerai in vredelievende tijden hun geduld gebruikten voor het decoreren van huishoudspullen met de meest fijne reepjes van kersenhout. Liefhebbers van koken (en eten) mogen zeker niet de 'Ando Brewery ' overslaan waar al vierhonderd jaar de meest heerlijke soya saus en miso wordt gemaakt, twee van de lekkerste ingrediënten uit de verfijnde Japanse keuken. Liefhebbers van een lekker ijsje mogen zeker niet de samoerai-cone overslaan, gemaakt van sesam.

Ondanks dat de bergachtige omgeving uitnodigend genoeg is voor een langer verblijf, gaat onze ontdekkingsreis weer verder. Een drie uur durende treinreis brengt ons naar het stadje Tōno in de Iwate provincie, waar we twee nachten verblijven. Onderweg heb je hopelijk een prachtig zicht (zorg dat je een zitplaats aan de linkerzijde bemachtigd hebt) op de look-a-like van Mt. Fuji, de 2.038m hoge Mt. Iwate.



Dag 16: Tōno

Waar de rest van Japan sinds het eind van de Tweede Wereldoorlog flink geïndustrialiseerd is, ademt dit stadje van 27.000 inwoners (en haar rustige omgeving) nog steeds de sfeer van weleer. Daarnaast kent elke Japanner dit slaperige provinciestadje als geboorteplaats van veel mythische sagen en legenden. Vrijwel elke yōkai (geesten, demonen, monsters en zielen) die Japan telt houdt blijkbaar van de landelijke omgeving van Tōno. 

Wie meer wil weten van de yōkai raden wij aan om vooraf het in Engelstalige vorm verkrijgbare boek 'Legends of Tōno' te lezen, maar vooral ook om een bezoek te brengen aan het Tōno Folk Village. Plaatselijke verhalenvertellers laten de 118 verhalen van schrijver Yanagita Kunio herleven door hun mimiek en prachtige intonaties. Het ernaast gelegen gemeentelijk museum laat zien wat deze vallei nog meer te bieden heeft.

Met de fiets ontdekken we ‘s middags de schoonheid van deze pittoreske omgeving. Wie meegaat mag zich verheugen op uitgestrekte rijstvelden, boomgaarden en de typische Magariya boerderijen die, met hun zo typerende L-vorm, huisvesting geven aan mensen en hun dieren. En uiteraard is er ook altijd een plekje in dit karakteristieke gebouw ingeruimd voor de yōkai. Of we ook een ‘kappa’ (riviergeest, die hier volop schijnen te leven) in levende lijve gaan ontmoeten is nog maar de vraag. Ze zijn in elk geval makkelijk te herkennen met hun groene slanke lichaam, felrode kop en een inkeping in hun hoofd die altijd gevuld is met water i.v.m. uitdroging…

Zo vredelievend als de streek nu is, zo angstaanjagend was het hier op 11 maart 2011. Om 14:46 uur schrok heel de oostkust van Tohuku van de meest heftige Japanse aardbeving ooit (sinds metingen begonnen). Maar liefst zes minuten trilde de aarde, waarna een kwartier later een 38 meter hoge tsunami de kust verwoeste over een afstand van meer dan 500 kilometer. Meer dan 15.000 mensen verloren deze dag hun leven, terwijl tienduizenden hun woongebied (voorgoed?) dienden te verlaten door de gevolgen van de straling door de kernramp van Fukushima. Uiteraard bezoeken we dat gebied niet…

Dag 17: Naar Zao Onsen (Yamagata)

Vandaag reizen we (deels per snelle Shinkansen) ruim 400 kilometer zuidelijker naar het ski-oord Zao Onsen. Voordat we echter op het eind van de dag in dit lieflijke bergplaatsje arriveren, bezoeken we eerst het dorpje Hiraizumi. Dit is een van de laatste toevoegingen van de 23 onderdelen op de door UNESCO beschermde lijst van Japanse werelderfgoederen.  

Hiraizumi mag dan anno nu een redelijk onbetekenend dorpje zijn, hier treffen we nog een handvol overblijfsels aan daterend uit de 12e eeuw. Deze zogenaamde Gouden Eeuw was het domein van Japans favoriete tragische held: Minamoto-no-Yoshitsune. Deze alom bekende krijger stichtte hier -samen met de Oshu Fujiwara clan- een glorievolle Boeddhistische stad. Gedurende zijn hoogtijdagen kreeg het de eervolle bijnaam ‘Kyoto van het Noorden’. Helaas zijn veel van de glorieuze tempels en kloosters na een verwoestende brand in 1337 vernietigd. Toch is er nog volop moois te zien in dit 8.000 zielen tellende dorpje.

Twee tempels bezoeken we nadat we in het kleine, maar zeer interessante museum van Hiraizumi meer uitleg hebben gekregen over de rijke historie van deze nederzetting. De uit 850 stammende tempel Chuson-ji en de nabij gelegen schitterende architectuur en gemummificeerde graven van Konjiki-do zijn de hoogtepunten van onze stop hier. Wel dien je goed ter been te zijn en van wandelen te houden, want geen meter grondgebied is vlak.

Een bezoek aan Hiraizumu is niet compleet zonder de zen-achtige tuin ‘Pure Land’ bezocht te hebben. Dit is namelijk de enige bewaarde tuin uit de Heian-periode die nog puur Boeddhistisch is en waar geen veranderingen zijn doorgevoerd. De centrale grote vijver maakt dit fotogenieke plaatje helemaal af.

Twee uur treinen verder ligt de provinciale hoofdstad Yamagata in de gelijknamige provincie, waarvandaan we met de bus verder rijden naar het op 20 kilometer (en 800m hoogte) gelegen Zao-Onsen. Dit ski-oord van bijna 15.000 inwoners ligt aan het eind van een kronkelige, vaak in mist gehulde bergweg. In de winter heb je hier duizenden ‘sneeuwmonsters’ en schitterende ski-gebieden, nu zal je je tevreden moeten stellen met een prachtige wandelomgeving.

Dag 18: Zao Onsen

Vandaag mag je genieten van de laatste vrije dag van deze reis. En waar kan je die beter doorbrengen dan in een van de leukste ski-resorts van Japan? Sneeuw zal er naar alle waarschijnlijkheid nog niet liggen in september, maar wel zijn de drie liften actief die je naar hoger gelegen oorden brengen. Ter plekke zal de reisleider alle opties met je doornemen welke wandelpaden in het Zao Quasi NP open en veilig zijn.

Vele wandelingen zijn mogelijk op deze 1700m hoge vlakte. Onze tip is om een wandeling van een dik uur te maken naar het prachtige, haast chemisch blauw uitziende Okama kratermeer. Zao Onsen is ook een prima plek om te ontspannen in een rotemburo (buiten onsen). Geniet van deze traditionele Japanse manier van het lichaam en geest gezond houden, iets wat ze al ruim 6.000 jaar doen. Opmerkelijk is dat de Japanners dit geleerd hebben van de herten en apen die dit waarschijnlijk ook al ontelbare eeuwen daarvoor deden. Nergens anders (behalve Hokkaido) vind je zulke mooie plekken om een dip te nemen in een borrelend kleibad of kokende geiser…

Wie geen zin heeft om de benen te strekken voor een fijne wandeling of een warm bad, kan de bus (40 minuten) nemen naar Yamagata. Dit is een van de meest bekende pottenbakkerij plaatsen van Japan. Aan de rand van de stad ligt het Hirashimizu district. Het lijkt meer op een plattelandsdorpje dan een wijk van een stad. In de pittoreske hoofdstraat vind je een meanderende rivier en een heel elftal aan aardewerk producenten. Tevens kan je hier een workshop ‘pottery’ volgen en je eigen kopje, schaal of wat voor leuks je ook bedenkt maken. Ook het gelijknamige kunstmuseum is een bezoek meer dan waard, al was het alleen al om de schilderijen van Picasso. Chagall, Renoir en Monet te bezichtigen.



Dag 19: Naar Nikko

Vroeg in de ochtend vertrekken we voor onze vijf uur durende reis met bus en verschillende treinen naar Nikko. Het Nikko NP staat bekend om haar bergachtige landschappen, watervallen, meren, hot springs en wandelroutes. En natuurlijk de prachtige tempels. Al jarenlang is deze stad een centrum voor shintoïsme en boeddhisme. Trakteer je ogen hier vooral op het gedetailleerde houtsnijwerk en het met bladgoud versierde Toshugu Shrine complex.  

Het Nikko NP is ook de thuisbasis van een van Japans populairste watervallen, de 100-meter hoge Kegon Waterfall. De waterval heeft zelfs een plek in de 'Top 3 Watervallen van Japan' en laat zichzelf in de herfst van haar beste en kleurrijkste kant zien.

De waterval grenst aan Chuzenji Lake, een meer aan de voet van Mount Nantai. De kusten van dit meer zijn voor het grootste deel bebost, wat het een ideaal hikerondje maakt. Een wandeling rondom het meer is ongeveer 25 kilometers lang. Liever een uitzicht van bovenaf? Ga dan naar het Hangetsuyama Observation Deck! 

Cultuurliefhebbers kunnen helemaal hun borst natmaken vanmiddag. Het mausoleum van de shogun Tokugawa Ieyasu staat namelijk niet voor niets op de UNESCO Werelderfgoedlijst. Ieyasu was de eerste shogun (militaire leider) die over heel Japan regeerde. Nikko heeft zijn huidige faam ook te danken aan de tienduizenden tot 400 jaar oude prachtige coniferen rondom het grafcomplex. Leuk is ook een lange rij oude Jizo-beelden aan een woeste rivier. Jizo gaat door als de baas van de hel en de beschermer van reizigers en overleden baby's en kinderen.

Dag 20: Naar Tokyo

Via een mooie rit met een boemeltrein arriveren we na exact 101 minuten in Ueno, Tokyo. We gaan direct naar het hotel waar we onze bagage deponeren, zodat we relaxed kunnen genieten van onze laatste middag in Japan. Tokyo biedt meer dan genoeg vertier om je vandaag nog te vermaken. Wat dacht je bijvoorbeeld van een wandeling door de tuinen van het paleis van de keizer? Of ga je liever winkelen in de duurste wijk ter wereld qua vastgoed: Ginza.

Of bezoek anders een van de vele fraaie musea. Ga bijvoorbeeld even loeren in Tokyo’s Nationale Museum. Hier vind je de grootste Japanse kunstcollectie. Hou je meer van geschiedenis en cultuur? Neem dan een kijkje in het Edo-Tokyo museum. Welke optie je ook kiest die de reisleider je voor legt, sluit vanavond in ieder geval af met een heerlijk diner en een lekkere koude Sapporo in een van de vele izikayas die de wijk van ons hotel herbergt.

Dag 21: Naar Nederland

In ruim anderhalf uur reizen we vroeg in de ochtend per trein naar het vliegveld. Je vliegt (meestal) rechtstreeks met KLM naar Amsterdam. De vlucht vertrekt om 11.30 uur en komt dezelfde dag om 15.10 uur aan. Je wordt op het vliegveld door reisleider Theo uitgezwaaid die nog even in Japan blijft om zijn volgende groep van dit fascinerende land te laten genieten.

(Het reis- en vluchtschema zijn onder voorbehoud).